Skrins

Skrins ligt in een ingepolderde geul van de Middelzee, een oude middeleeuwse zeearm. Het gebied bestaat uit natte weiden en bolle akkers, de zogeheten "bargerechjes". Hier komt nog altijd zoutig water aan de oppervlakte. Deze ‘kwel’ voedt in Skrins bijzondere planten als schorrezoutgras en goudknopje. Bij de plas van Skrins staan planten als zilte schijnspurrie en melkkruid. Skrins vormt een natuurlijke verbinding met Skrok en ligt vlakij de Lionserpolder, twee andere gebieden van Natuurmonumenten.  Samen vormen ze de Greidhoeke. Er is een gemarkeerde fietsroute uitgezet die de gebieden met elkaar verbindt.

 

Skrins herbergt ieder jaar een kleine kolonie visdiefjes en kluten, maar staat vooral bekend om de enorme aantallen grutto's, kieviten, veldleeuweriken en tureluurs die er elk jaar broeden. Het voorjaar is dan ook de tijd bij uitstek Skrins te bezoeken. Vanuit de vogelkijkhut, maar ook vanaf de weg. Groenpootruiters, witgatjes, oeverlopers, kemphanen en bontbekplevieren laten zich bij de plas voor de hut zien. Net als smient, bergeend, slobeend en wintertaling.

 

Bron: natuurmonumenten

  • Veldleeuwerik

  • Kemphaan

  • Grutto

  • Smient

  • Bontbekplevier

  • Witgatje

Kijk!

Links

Goudknopje